Het uitgangspunt in de opzet en financiering van de GLI is dat deelnemers na 2 jaar deelname aan de GLI op eigen benen verder kunnen. Daarmee is een vervolg aanbod als verzekerde zorg geen standaard werkwijze.
Meerdere keren een GLI volgen is op papier toegestaan, maar het is nadrukkelijk niet de insteek om hiermee mensen jarenlang aan een GLI te laten deelnemer. Hier zijn een aantal redenen voor:
• De looptijd van een GLI van twee jaar is door het Zorginstituut vastgesteld op basis van internationaal wetenschappelijk onderzoek. Deze twee jaar is een gemiddelde ideale looptijd. Voor sommige deelnemers zal het te lang zijn (deze deelnemers vallen mogelijk voortijdig uit) en voor sommigen te kort (deze deelnemers hebben behoefte aan een langere begeleidingsperiode).
• Verzekeraars moeten expliciet toestemming geven als een deelnemer een tweede (en eventueel derde etc.) keer de GLI wil volgen. Deze toestemming zullen ze alleen geven als daar een goede onderbouwing voor gegeven is.
• Het doel van CooL is om deelnemers te leren hun eigen leefstijlcoach te worden. Op het moment dat deelnemers allemaal een tweede GLI nodig hebben, dan geeft dat ook het signaal af dat de interventie niet doet wat het zou moeten doen, namelijk het vergroten van eigen regie, kennis en vaardigheden.
Als deelnemers in uitzonderlijke gevallen toch een tweede keer de GLI volgen, dan nemen ze deel in een reguliere groep waarin ze hetzelfde aanbod krijgen. Ook dat hoeft geen probleem te zijn als deelnemers in het eerste traject niet alle aangeboden inhoud en werkvormen hebben kunnen volgen bijvoorbeeld bij ziekte of als ze minder goed in staat zijn alle informatie op te nemen. Ook kan het zijn dat deelnemers tussentijds switchen van interventie of coach. In een tweede traject kunnen deelnemers andere speerpunten kiezen of verdieping halen uit de stof omdat ze het nu beter kunnen begrijpen. Deelnemers hebben tenslotte een basis opgebouwd in het eerste traject. Vanuit je rol als coach kun jij inhoud en werkvormen aanbieden op verschillende niveaus waardoor een deelnemer er altijd wel iets uit zou moeten kunnen halen.
Het aanbieden van 1 op 1 coaching of van vervolgsessies kan wel, maar daarvoor moet jij/de deelnemer op zoek naar een andere bron van financiering dan de basiszorg. In incidentele gevallen kan een deelnemer een beroep doen op aanvullende verzekering voor vervolgsessies.
Om te zorgen dat deelnemers na 2 jaar ook echt op eigen benen staan geven wij de volgende tips mee:
• Manage vooraf de verwachtingen. Hiervoor kun je de CooL-praatplaat inzetten. Maak duidelijk dat CooL een tweejarig programma is waarin deelnemers leren om na afloop zelf aan de slag te blijven met hun leefstijl.
• Werk tijdens de looptijd van CooL toe naar meer eigen regie. Vergroot de tijd tussen de sessies zodat deelnemers steeds meer leren op eigen benen te staan. Benoem dit ook richting je deelnemers.
• Stimuleer de groepsbinding, zodat de groep voor elkaar meer en meer kan fungeren als een stok achter de deur en deze rol niet bij jou als coach blijft liggen.
• Betrek de sociale omgeving van de deelnemer, welke rol kan de omgeving spelen in het vasthouden en doorzetten van de leefstijlveranderingen.
• Besteed een groepssessie aan “Klaar met CooL- en nu?” in fase 2. Zorg dat deelnemers op tijd gaan nadenken over hoe nu verder (wat hebben ze daarvoor nodig, wie kunnen ze inschakelen etc).
Sommige CooL-coaches bieden hun afgeronde groepen terugkomsessies aan. Voor deze sessies is er dan een externe financierder (gemeente, zorggroep, ondernemersvereniging) gevonden waardoor de deelnemers kosteloos of tegen een kleine vergoeding kunnen deelnemen. De opzet van deze terugkomdagen is een vrije inloop voor alle afgeronde groepen waarbij telkens een ander thema wordt aangestipt. Dit kunnen nieuwe thema’s zijn of al behandelde thema’s die nog een keer onder de aandacht gebracht worden.
Tot slot: welk aanbod je ook doet aan je deelnemers, zorg dat er voor jouw eigen inzet als coach een faire vergoeding staat.


