Ga naar de hoofdinhoud
Heb je een vraag?

Voedingsrichtlijnen voor gebruikers van obesitasmedicatie (BDA)

Je bent hier:

De British Dietetic Association (BDA) heeft voedingsrichtlijnen opgesteld voor mensen die obesitasmedicatie gebruiken. Het gaat daarbij met name om GLP-1-/incretine-gebaseerde medicatie, zoals semaglutide en tirzepatide. De adviezen zijn gebaseerd op een rapid review van 15 publicaties en vervolgens besproken en aangescherpt met diëtisten, patiëntenvertegenwoordigers en andere zorgprofessionals.

Bronartikel: Stewart, L. (2026). Development of nutrition resources for people taking medications for obesity. British Dietetic Association (BDA), 5 juni 2026. Het artikel beschrijft de ontwikkeling van de BDA-voedingsmaterialen voor mensen die medicatie voor obesitas gebruiken. BDA – Development of nutrition resources for people taking medications for obesity

De BDA constateert dat het toenemende gebruik van obesitasmedicatie gepaard gaat met specifieke voedingsrisico’s. Doordat de eetlust afneemt en mensen minder eten, bestaat onder andere risico op onvoldoende eiwitinname, tekorten aan micronutriënten, gastro-intestinale klachten en verlies van vetvrije massa/spiermassa. Goede voedingsbegeleiding is daarom een belangrijk onderdeel van de behandeling en niet slechts een aanvulling op de medicatie.

Uit de literatuurstudie en het ontwikkelproces komen de volgende voedings- en leefstijladviezen naar voren:

  • Zorg voor voldoende eiwitten. In de onderzochte literatuur wordt een relatief hoge eiwitinname aanbevolen, met nadruk op hoogwaardige eiwitbronnen, inclusief plantaardige bronnen. De meest genoemde hoeveelheid in de wetenschappelijke literatuur is 1,2–1,5 gram eiwit per kilogram lichaamsgewicht per dag. De uiteindelijke publieksfolder van de BDA noemt bewust geen specifieke hoeveelheid in grammen, omdat dit individueel bepaald moet worden.
  • Kies voor voedingsmiddelen met een hoge nutriëntendichtheid. Omdat door de medicatie vaak minder wordt gegeten, wordt de voedingskwaliteit van wat iemand wél eet belangrijker. De nadruk ligt daarom op producten die relatief veel eiwitten, vitaminen, mineralen en andere voedingsstoffen leveren.
  • Eet regelmatig. De BDA benadrukt regelmatige eetmomenten, ook wanneer de eetlust door de medicatie sterk verminderd is. Dit helpt om voldoende voedingsstoffen binnen te krijgen.
  • Gebruik een evenwichtige maaltijdverdeling. Als praktisch uitgangspunt wordt geadviseerd om een maaltijd ongeveer te laten bestaan uit 50% groente en fruit, 25% hoogwaardige eiwitbronnen en 25% koolhydraatrijke voedingsmiddelen.
  • Eet voldoende vezelrijke producten. Vezelbevattende voedingsmiddelen worden nadrukkelijk aanbevolen. Dit is onderdeel van een volwaardige voeding en is ook relevant vanwege mogelijke gastro-intestinale bijwerkingen van de medicatie.
  • Drink voldoende. In de onderliggende literatuur wordt doorgaans 1,5–2 liter vocht per dag aanbevolen.
  • Gebruik vitamine- en mineralensupplementen niet automatisch. De literatuur is hierover niet volledig eensluidend. Sommige publicaties adviseren standaard suppletie, maar de BDA kiest daar uiteindelijk niet voor. Supplementen zouden bij voorkeur moeten worden afgestemd op de voeding en, waar relevant, op gecontroleerde bloedwaarden. Voor individuele adviezen verwijst de BDA naar een geregistreerde diëtist.
  • Pas de voeding aan bij maag-darmklachten. Kleinere en eventueel frequentere maaltijden kunnen helpen bij gastro-intestinale bijwerkingen, met name misselijkheid. Ook het vermijden of beperken van suikerhoudende en koolzuurhoudende dranken, alcohol en cafeïnehoudende dranken kan klachten verminderen.
  • Bespreek aanhoudende bijwerkingen met de voorschrijver. Aanpassing van de medicatiedosering wordt in de literatuur genoemd als een effectieve mogelijkheid om gastro-intestinale klachten te verminderen. Dit is uiteraard een medisch en geen voedingsadvies en moet met de voorschrijver worden besproken.
  • Combineer voldoende eiwit met spierversterkende activiteit. Gewichtsverlies door obesitasmedicatie bestaat niet alleen uit verlies van vetmassa; ook vetvrije massa en spiermassa kunnen afnemen. Daarom wordt naast voldoende eiwit nadrukkelijk lichamelijke activiteit en vooral weerstandstraining/spierversterkende activiteitaanbevolen. Deze combinatie is belangrijk om verlies van spiermassa en het risico op sarcopene obesitas te beperken.

Breder dan alleen voeding

Een belangrijk uitgangspunt van de BDA is dat obesitasmedicatie niet als een op zichzelf staande behandeling moet worden beschouwd. De medicatie vermindert honger en vergroot het verzadigingsgevoel, maar blijvende aandacht voor voeding, bewegen, spierbehoud en duurzame gedragsverandering blijft noodzakelijk. De BDA besteedt daarbij ook aandacht aan food noise — aanhoudende gedachten en mentale preoccupatie rond eten — en aan het omgaan met veranderingen hierin tijdens medicatiegebruik.

De uiteindelijke publieksrichtlijn is bewust eenvoudiger dan de onderliggende wetenschappelijke bevindingen. Zo noemt de BDA daarin geen vaste hoeveelheid eiwit in gram per kilogram, geen standaard gebruik van maaltijdvervangers en geen standaardadvies om vitamine- en mineralensupplementen te gebruiken. Voor dergelijke individuele adviezen wordt verwezen naar een geregistreerde diëtist.

De bijbehorende BDA-patiënteninformatie is hier te vinden: BDA – Staying healthy when taking medications for obesity

Kort samengevat: bij gebruik van obesitasmedicatie verschuift de voedingsvraag deels van hoe eet ik minder? naar hoe zorg ik dat ik, ondanks een lagere voedselinname, voldoende en kwalitatief goed blijf eten? De kern is daarom: regelmatige en volwaardige voeding, voldoende hoogwaardige eiwitten, veel nutriënten en vezels, voldoende vocht, aandacht voor eventuele tekorten en maag-darmklachten, en de combinatie met spierversterkende beweging om verlies van spiermassa zoveel mogelijk tegen te gaan. ]

Inhoudsopgave